Veel mensen denken dat afvallen begint met meer discipline. Dat ze strenger voor zichzelf moeten zijn en geen fouten meer mogen maken. In mijn boek Train je brein naar een gezond gewicht schrijf ik waarom juist die gedachte ons vaak tegenwerkt. Hieronder lees je een verkorte versie van dat hoofdstuk.
Waarom streng zijn voor jezelf vaak averechts werkt
Na een ongezonde dag zijn we vaak onze eigen grootste criticus. “Zie je wel, ik heb weer geen discipline.” “Waarom lukt het mij nou nooit?” Of misschien herken je de gedachte: “Nu is de dag toch al verpest.” We denken vaak dat die strenge stem ons helpt om de volgende dag beter ons best te doen, maar ironisch genoeg gebeurt meestal precies het tegenovergestelde. Zelfkritiek roept stress op en een gestrest brein verlangt juist naar snelle verlichting. Voor de één is dat chocolade, voor de ander een zak chips of een bak ijs. Niet omdat je zwak bent, maar omdat je brein probeert een vervelend gevoel zo snel mogelijk te verminderen. Zo ontstaat een vicieuze cirkel waarin schuldgevoel leidt tot meer eten en meer eten weer leidt tot schuldgevoel. Het probleem is dan niet alleen wat je hebt gegeten, maar vooral de manier waarop je daarna tegen jezelf praat.
Zelfcompassie is niet hetzelfde als jezelf zielig vinden
Wanneer ik tijdens een coachingsgesprek het woord zelfcompassie noem, zie ik regelmatig een vragende blik. Veel mensen denken dat het betekent dat je alles maar goedpraat of geen verantwoordelijkheid meer hoeft te nemen. Maar zelfcompassie is juist iets heel anders. Het betekent dat je eerlijk durft te kijken naar wat er is gebeurd, zonder jezelf vervolgens af te branden. Je behandelt jezelf zoals je iemand behandelt van wie je houdt: met begrip, mildheid en eerlijkheid. Stel jezelf eens de volgende vraag: als een goede vriend of vriendin na een moeilijke dag meer had gegeten dan de bedoeling was, zou je diegene dan vertellen dat hij geen discipline heeft? Waarschijnlijk niet. Je zou luisteren, begrip tonen en zeggen dat morgen weer een nieuwe dag is. Waarom gunnen we die vriendelijkheid wel aan anderen, maar zo weinig aan onszelf?
Eén eetmoment bepaalt niet jouw succes
Misschien is dit wel één van de grootste misverstanden rondom afvallen. Veel mensen beoordelen zichzelf op basis van één maaltijd, één verjaardag of één avond waarop ze meer hebben gegeten dan ze van plan waren. Alsof één eetmoment bepaalt of ze wel of geen discipline hebben. Maar zo werkt ons lichaam helemaal niet. Je wordt niet gezonder van één salade en je komt ook niet aan van één stuk taart. Uiteindelijk zijn het niet de uitzonderingen die het verschil maken, maar de gewoontes die je week na week herhaalt. Toch laten veel mensen één minder gezonde keuze uitgroeien tot een reden om de rest van de dag of zelfs de hele week los te laten. Juist op dat moment mag je jezelf iets anders afvragen. Niet: “Waarom kan ik dit niet?” Maar: “Wat had ik op dat moment eigenlijk nodig?” Misschien was het rust, troost, ontspanning of verbinding. Zodra je nieuwsgierig wordt in plaats van veroordelend, ontstaat er ruimte om te leren. En juist daar begint blijvende verandering.
Gezond leven begint met goed voor jezelf zorgen
In mijn praktijk zie ik vaak een bijzondere verandering. In het begin proberen mensen gezond te eten omdat ze ontevreden zijn over zichzelf. Ze willen zo snel mogelijk afvallen en hopen dat een lager gewicht hen gelukkiger maakt. Na verloop van tijd verandert die motivatie. Gezond eten wordt geen manier meer om jezelf te verbeteren, maar om goed voor jezelf te zorgen. Je kiest voor voedzame voeding omdat je lichaam energie verdient. Je maakt een wandeling omdat bewegen je goed doet. Niet vanuit straf, maar vanuit respect voor jezelf. Dat lijkt misschien een klein verschil, maar psychologisch is het enorm. Gedrag dat voortkomt uit zelfzorg houd je namelijk veel gemakkelijker vol dan gedrag dat voortkomt uit schuldgevoel of zelfafwijzing.
Blijvende verandering begint met mildheid
Misschien is dat wel de belangrijkste boodschap. Afvallen draait veel minder om discipline dan we vaak denken. Natuurlijk helpt doorzettingsvermogen, maar de manier waarop je met jezelf omgaat op moeilijke momenten bepaalt uiteindelijk minstens zoveel. Wie zichzelf na iedere terugval blijft veroordelen, maakt veranderen onnodig zwaar. Wie leert om met meer begrip naar zichzelf te kijken, creëert ruimte om opnieuw te kiezen. Niet vanuit schuldgevoel, maar vanuit zelfzorg. Misschien begint een gezonde relatie met eten daarom niet op je bord, maar in de manier waarop je naar jezelf kijkt. Want pas wanneer je stopt met vechten tegen jezelf, ontstaat er ruimte voor iets wat veel sterker is: vertrouwen. En vanuit dat vertrouwen worden gezonde keuzes steeds vaker iets wat vanzelf mogen gaan.
Liefs,
Jonathan